Historie

Toen we met elkaar kennis hadden gemaakt en we zijn superlange paardentrailer aan de buitenkant bewonderden, zag ik dat er een lier aan de voorkant zat en naast die lier druppelde bloed naar beneden. Ik vroeg hem of er misschien een ongeluk was gebeurd met een van de paarden. Hij vertelde me dat hij net terugkwam van het slachthuis en dat hij daar een aantal dieren had geslacht. In mijn naïviteit dacht ik dat hij het eerzame beroep van noodslachter uitoefende, mede gezien de lier voorop. Een lier is nodig om wrak vee via een rolbaan in de trailer te takelen. Dus ik vroeg hem of het koeien of paarden waren geweest. "Welnee," sprak hij. "Ik heb zojuist 5 bruine beren geslacht." Ik vroeg hem waarom dat nodig was, hij kon de dieren toch voor veel geld aan dierentuinen verkopen? Op dat moment begon hij te lachen en hij nam ons mee naar een plek achter de manege. Hier lag een bult van zeker vijf meter hoog en wel twintig meter doorsnee, bestaande uit allemaal schedels met hoorns en geweien van tig verschillende diersoorten. Maar wel allemaal soorten die normaal in dierentuinen thuishoorden. Ongevraagd verklaarde hij dat hij dit allemaal geslacht had en hij nam ons vervolgens mee naar zijn kantoor. Ik begon steeds verbaasder maar ook steeds geïnteresseerder te raken. Het ging hier allemaal om volledig gezonde dieren, die Herr Reiner J. geslacht had voor menselijke consumptie. "Ook de beren?" vroeg ik. "Jawel." antwoordde hij en hij liet ons vervolgens de verkoopfacturen zien. Veertig tot vijftig mark voor een kilo berenvlees geleverd aan Duitse restaurants. Het stond daar nota bene gewoon op de spijskaart! Dierentuindieren die slechts nog interessant waren voor menselijke consumptie? Ik vond het te gek voor woorden. "Maar," vroeg ik hem "hoe is het dan met tijgers, want die zijn toch niet te eten?" "Oh, maar die slacht ik hier ook niet," antwoordde hij "want ik mag in Duitsland alleen maar dat slachten wat ook door mensen gegeten kan worden. Tijgers en leeuwen breng ik naar België en die worden daar geslacht omdat het alleen maar om de huid gaat (Louis L. uit Wortel red). Deze vellen worden door preparateurs opgekocht en worden later kleedjes voor de open haard. Chimpansees slacht ik natuurlijk ook niet want die leveren kapitalen op in laboratoria."

Ik was nog lang niet overtuigd. "Waarom kan je de andere dieren dan niet levend verkopen aan andere dierentuinen?" Hij zei: "Alle dierentuinen zitten vol en hebben voldoende van deze dieren. Ik vind het ook niet leuk, want ik ben handelaar en geen slachter." Waarop ik hem vroeg: "Maar waarom doe je het dan?" Hij zei letterlijk: "Ik word ertoe gedwongen. Als ik bij dierentuinen interessante dieren voor de handel wil kopen, krijg ik deze alleen maar als ik ook hun probleemdieren meeneem, dieren waar zij zelf ook geen plek meer voor kunnen vinden. Ik moet dan hun probleem oplossen zodat ze de dieren niet zelf hoeven af te maken, want dat is natuurlijk geen reclame voor een dierentuin. En het zijn allemaal jonge dieren omdat ze volgend jaar in de tuin weer jonge dieren aan het publiek willen laten zien en dus verkopen ze alleen maar de nog niet fokrijpe dieren. Niemand anders wil ze hebben."

Wij namen afscheid. Ik wist genoeg en wij zijn in één klap teruggereisd naar Nederland. Onderweg hebben we vrijwel geen woord met elkaar gewisseld. We hadden voorlopig genoeg aan onze eigen gedachten. Het was 1989: Roofdierenopvangcentrum Pantera was in de maak .

Panter